Een kernel panic is een onherstelbare fout in de Linux-kernel waardoor het systeem niet veilig verder kan draaien. De kernel stopt alle processen en toont een foutmelding. Het equivalent op Windows is het "blue screen of death" (BSOD).
De kernel roept de panic()-functie aan, toont een stack trace en stopt. Afhankelijk van de configuratie herstart het systeem na een wachttijd automatisch.
Na een reboot is de kernel panic terug te vinden in de systeemlogboeken:
journalctl -b -1 -k # kernellog van vorige boot
dmesg | grep -i panic
# Systeem 10 seconden na kernel panic herstarten
sysctl kernel.panic=10